Skip to main content

Letterkoekjesspel

een spel van KLJ
een spel van KLJ

Over het spel

  • ongeveer 2 uur
  • 1 tot 99 spelers, 6 tot 16 jaar
  • buiten (grote ruimte, groot)

Benodigdheden

Materiaal:
  • slaapzakken
  • puzzel
  • lege bakken
  • collage van bekende Vlamingen
  • raadsel
  • kranten
  • rebus
  • jutten zakken
  • lucifers
  • borstels
  • fietsje
  • blinddoeken
  • binnenbanden
  • laarzen
  • LETTERKOEKJES

Uitleg

Speluitleg
SPELVERLOOP
Groepsindeling:
De leden worden in groepen van 6 personen verdeeld.
Start van het spel:
Bij elk spel krijgt de winnende ploeg 4 koekjes, de tweede 3, de derde 2 en de laatste 1 koekje.
Opdrachten:
- 1 persoon van elke groep krijgt 2 minuten de tijd om in de slaapkamer zo veel mogelijk kledingstukken aan te gaan doen. Ze worden nadien gezamenlijk geteld.
- Van elke ploeg gaat er iemand buiten (persoon A). Dan wordt er van elke ploeg een persoon B gekozen. Persoon A van ploeg 1 wordt geblinddoekt en moet raden wie persoon B van ploeg 2 is d.m.v. voelen, enz…
- 2 mensen per ploeg kruipen samen in een slaapzak en verwisselen zo snel mogelijk zoveel mogelijk kledingstukken.
- Verdeel de puzzel in 4 gelijke delen in 2 minuten tijd.
- Bierbakkenrace: 6 mensen op 3 bakken bier zo snel mogelijk naar de overkant. De bakken moeten tegen elkaar staan!!
- Wie ben ik: herken zoveel mogelijk bekende Vlamingen op de foto’s…
- Los volgende rebussen op.
- Los volgende raadsels op.
- Zoek om ter snelste 5 spreekwoorden met een lichaamsdeel er in.
- Schrijf 10 automerken en 10 namen van bloemen op.
- Krantenrace: de eerste van de groep neemt een vel krantenpapier houdt dit tegen z'n buik en loopt naar de overkant en terug zonder het blad tegen te houden. Als het papier valt moet er opnieuw begonnen worden achter de startlijn.
- Maak een gedichtje van 6 regels over je groep.
- Zaklopen: per 2 in een jutten zak en springen maar!!
- Locomotief: de groepen krijgen een parcours of eindpunt aangewezen dat even ver van de startplaats gelegen is. De ploegen stellen zich op: alle spelers achter elkaar (als een locomotief). Ze mogen enkel voortbewegen als de voorste speler een brandende lucifer vasthoudt. Als de lucifer uitgaat, moet de eerste speler naar achter en kan de tweede speler (die ondertussen de voorste geworden is) een nieuwe lucifer aansteken. De ploeg die als eerste bij het eindpunt aankomt, is gewonnen.
- Levend dambord: de groepen staan tegen over elkaar. Bedoeling is dat de groep probeert om naar de overkant te gaan zonder getikt te worden. Wie getikt wordt valt af.
- Zitkamp: Beide spelers hurken neer met een stok in de knieholte. De armen worden onder de stok gestoken, met de handen voor de knieën gevouwen. Op die manier trachten de spelers elkaar om het eerst omver te stoten.
- Laarzenspel: de groep krijgt een paar laarzen die te groot zijn en lopen daar mee een parcours. In de laarzen wordt ook een beetje zand gedaan.
- Geblinddoekte fietsenrace: 1 iemand van de groep word geblinddoekt en op een fietsje geplaatst. De rest van de groep moet aanwijzingen geven hoe hij moet rijden. Wie kan het beste fietsen??
- Binnenbandenspel: heel de groep moet zo vlug mogelijk in een binnenband en naar de overkant lopen.
Speleinde:
Op het einde van het spel krijgen de leden nog enkele minuten om een zo lang mogelijk bestaand woord te vormen. De winnaar is diegene met het langste woord.